Een koudebrug (thermische brug) ontstaat overal waar geleidend materiaal de isolatielaag overbrugt of onderbreekt. Typische locaties zijn: lateien, balkonaansluitingen, funderingsranden, spouwankers en vensterbanken.
Gevolgen
- Verhoogd transmissieverlies — extra warmtestroom door de verzwakte zone.
- Koud binnenoppervlak — verlaagt de binnenoppervlaktetemperatuur, wat leidt tot stralingscomfortverlies.
- Oppervlaktecondensatie en schimmelvorming — zodra de oppervlaktetemperatuur onder het dauwpunt daalt.
Beoordelingsmethoden
| Methode | Toepassing |
|---|---|
| f-factor (temperatuurfactor) | Controleren of condensatie optreedt; voor woningen geldt eis ≥ 0,65 (NTA 8800) |
| Ψ-waarde (psi, lineaire transmissiecoëfficiënt, W/(m·K)) | Kwantificeren van het extra warmteverlies per strekkende meter lineaire koudebrug |
Beide berekeningen worden doorgaans uitgevoerd met 2D-simulatiesoftware (bijv. THERM of BISCO) conform NTA 8800.
Voorkomen
- Thermisch onderbroken details toepassen (balkonplaat op isokorven, gevelankers met nylon kern).
- Doorlopende isolatielaag zonder onderbrekingen; verwijs naar gecertificeerde aansluitdetails uit de SBR-detailbibliotheek.
- Na isolatiewerkzaamheden controleren met een thermografische camera (infraroodopname) conform NEN 2778.